DE REDDING VAN LLARENA

Er is geen reden voor dat de burgers een rechter met een grote mond zouden moeten redden. Eens kijken hoe ze het uitleggen.

Tot nu toe is de geduldige Spaanse belastingbetaler gedwongen geweest om verscheidene banken en licentiehouders van snelwegen te redden.

Maar tot op heden is het nooit gebeurd dat we gevraagd werden om een rechter te redden. Dat is echter precies wat nu gebeurt. Rechter Llarena, met de dubieuze steun van zijn vriend Lesmes (de dungeon master van de CGPJ, de Algemene Raad voor de Rechtsmacht), wil dat men belastinggeld gaat gebruiken om de vertegenwoordiging van Pablo Llarena in een civiele rechtszaak in België te betalen. Daarnaast wil hij dat, mocht hij de zaak verliezen en veroordeeld worden, het geld van iedereen wordt gebruikt om de schadevergoeding te betalen- die symbolisch zou zijn- en de kosten van de rechtszaak- die dat bepaald niet zouden zijn.

U weet wel, het ging om die civiele rechszaak die Puigdemont en de ex ministers Serret, Comin, Puig en Ponsatí hadden aangekaart, over bescherming van de eer vanwege persoonlijke uitingen van de rechter in lezingen (gesponsort door de BMW in FAES en zomeruniversiteiten). Daarin zou het recht van de betrokkenen op vermoeden van onschuld zijn geschonden door de rechter die de zaak die de zaak onderzocht.

Die burgerzaak, waar Llarena en iedereen smakelijk om moest lachen, en waarvan wie op dat moment de hoofdrechter van Madrid vond dat hij de betrokkene die zelfs niet hoefde te doen toekomen. Die rechtszaak die is behandeld en waarvoor de dagvaarding voor september nog steeds staat. Wat twee maanden geleden was een goede bak was, een grappig idee, heeft uiteindelijk ongehoorde mechanismen in gang gezet om Llarena te redden.

Met het geld van iedereen.

En daar ligt de clue. Want wat in Brussels- woonplaats van de eisende partijen- bewezen moet worden is of rechter Llarena, die de Catalanen in zijn rechterlijke uitspraken als vermoedelijke plegers van delicten van rebellie en verduistering beschouwt, een civiele onrechtmatigheid heeft gepleegd toen hij in privé uitingen als gegeven beschouwde dat ze schuldig waren.

U zal zich misschien afvragen: wat hebben de CGJP en het Ministerie van Justitie en, vooral ons geld te maken met hoe een grote mond Llarena heeft, of wat uit zijn onderbewuszijn ontsnapt wanneer hij rondreist? Dat vraag ik mij zelf ook af, en ik denk dat ook Justitie de situatie diepgaand moet onderzoeken voordat men een beslissing neemt die een wangebruik van belastingelden zou kunnen betekenen. Daar is immers een heel lelijke naam voor. U weet wel.

We waren erbij gebleven dat Llarena en de rest twee maanden geleden keihard lachten vanwege de rechtszaak. Men zag er van af om de zaak te laten wraken omdat men vond dat hij al een rechtszaak tegen die mensen had, wat een legale reden was om de zaak op te geven. Niets stond in zijn weg!

Een paar dagen geleden, echter, heeft de rechter een verzoek tot bescherming gedaan bij het CGJP, aangezien hij vond dat hij in zijn onafhankelijkheid werd belemmerd.

Hoe kan iemand eerst geen enkele interesse hebben en een wraking van een zaak afwijzen, om een paar weken later te zeggen dat het onderwerp hem zo van streek maakt dat hij bescherming nodig heeft. U ziet het.

Ik probeer het uit te leggen. De onverstoorbare rechter heeft begrepen dat de Belgische civiele zaak doorgaat en dat hij er voor kon kiezen om vertegenwoordigd te worden, of om afwezig te zijn. Deze laatste optie maakt het onmogelijk voor hem om zich te verdedigen dus, moest hij een advocaat inhuren en uit eigen zak betalen? Wat een rotstreek. Bovendien, bedacht hij, hij zou kunnen verliezen, en ook al waren de schadevergoedingen maar vijf euro elk, zouden de kosten, inclussief de gages van de advocaten, nogal hoog kunnen worden. Toen hij zijn eigen zakken bedreigd zag, wilde Llarena ineens wel hulp. Die hulp was niet makkelijk de organiseren.

Ik hoor dat Lesmes zelf in de Permanente gezegd dat hij een gesprek heeft gehad met de Advocaat Generaal om te zien hoe de Balie de zaak kon overnemen. Zij zei dat het nogal moeilijk zou zijn zonder dat men er zich bij de CGJP over zou opwinden. Daarom begonnen ze hen op te winden, en die opwinding heeft bestaan uit het gebruiken van de nepoplossing van bescherming, die is bedacht om de rechterlijke onafhankelijkheid tegenover de andere machten van de Staat te behouden.

Dat zijn niet de enige verzinsels en anomalieën.

In feite heeft men voordat de bescherming werd toekekend een zeer gespannen sessie in de Permanente Commissie van de CGPJ beleefd, waarin er zelfs werd geschreeuwd. Want het verzoek tot bescherming van Llarena had zelfs niet behandeld mogen worden. De wet omschrijft een onwrikbare termijn van tien dagen om het verzoek in de dienen vanaf het moment van het storende feit. Verzoeken tot bescherming zijn zelfs niet in behandeling genomen omdat ze een dag na de termijn waren ingediend. 

Welnu, die van Llarena was niet een dag te laat, maar bijna twee maanden. Dit was de reden voor een van de leden van het hof om het verzoek niet eens te willen bekijken, omdat ze het als illegaal beschouwde. Bulldozer Lesmes maalde daar niet om. Bovendien houdt dit verzoek tot bescherming een conceptuele vergissing in, aangezien dat mechanisme om onafhankelijkheid te garanderen weinig te maken heeft met persoonlijke handelingen van een rechter, of de mogelijkheid dat die hem geld kosten.

Dus spreekt men over het beschermen van immuniteit van de Spaanse rechtsspraak tegen inmengingen vanuit het buitenland terwijl deze geen enkel risico loopt in een persoonlijke rechtszaak. Maar bovendien zou dit ook geen reden tot bescherming vormen. De waarheid is dat in die stormachtige vergadering zelfs deze zin werd gehoord: “Kom és, we hebben het over geld tegenover iemand die van zijn salaris moet leven.” Daarom wordt de redding van rechter Llarena geëist, en dat heeft de CGJP aan het Ministerie van Justitie doen weten.

In de civiele rechtszaak die in België is gepresenteerd staat letterlijk: “rechter Llarena heeft NAAST ZIJN RECHTERLIJKE FUNCTIE een fout begaan.”

Nu heeft Lesmes besloten dat als de rechter een grote mond heeft gehad, we er allemaal voor moeten betalen. Het Ministerie heeft al gezegd dat de Advocaat Generaal niets kan doen en dat men in ieder geval advocaten zou moeten inhuren. Kijk hier goed naar. Kijk goed. Belastinggeld gebruiken om advocaten te betalen in privé zaken is onaanvaardbaar. Er is een lelijk woord voor.

Er is geen reden voor de burgers om een rechter met een grote mond te redden. Laten we zien hoe ze het uitleggen.

Oorspronkelijke bron – El diario.es (18/08/2018)

Facebooktwittergoogle_plusredditlinkedintumblr

Share this Post

Leave a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

You may use these HTML tags and attributes: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>
*
*